• vakorganisatie met Bijbelse visie
  • brede dienstverlening
  • veel voordeel voor leden
Euthanasie

Bij euthanasie gaat het om ‘Handelen dat het leven van een ander op diens uitdrukkelijk verzoek beëindigt’ (KNMG, 2003). Daarbij is sprake van handelen:

  1. dat het leven opzettelijk beëindigt,
  2. door een ander dan de patiënt,
  3. op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.

Bij hulp bij zelfdoding betreft het ‘door een ander verschaffen van middelen voor de zelfdoding’ (KNMG, 2003). Daarbij is sprake van handelen:

  1. dat het leven opzettelijk beëindigt,
  2. door de patiënt,
  3. op uitdrukkelijk verzoek van de patiënt.

Het onderscheid tussen euthanasie en hulp bij zelfdoding betreft een verschil in uitvoering. Bij euthanasie worden de middelen toegediend door iemand anders dan de patiënt. Bij hulp bij zelfdoding neemt de patiënt de, door de arts voorgeschreven, middelen zelf in.


Andere medische beslissingen rond het levenseinde

Er is een aantal medische beslissingen rondom het levenseinde te onderscheiden waarbij de dood sneller kan intreden, maar die niet onder de noemer van euthanasie of hulp bij zelfdoding vallen.

Levensbeëindiging zonder uitdrukkelijk verzoek
Deze vorm van levensbeëindigend handelen onderscheidt zich van euthanasie en hulp bij zelfdoding op het punt van het verzoek van de patiënt. Het gaat om handelingen met het uitdrukkelijke doel het leven te beëindigen. Daartoe wordt een middel toegediend zonder dat daaraan een uitdrukkelijk verzoek van de patiënt ten grondslag ligt (Van der Wal & Van der Maas, 1996).

Pijn- en andere symptoombestrijding
Het adequaat bestrijden van lijden maakt deel uit van normaal medisch handelen. Als onbedoeld neveneffect kan verkorting van het leven optreden. Dit onbedoelde neveneffect wordt acceptabel geacht wanneer deze onlosmakelijk verbonden is met pijnbestrijding die voor de patiënt noodzakelijk is. Indien bewust een hogere dosering pijnbestrijding wordt toegediend dan uit het oogpunt van adequate pijnbestrijding nodig is, is sprake van het bedoelde effect het levenseinde te bespoedigen. Al naar gelang er een verzoek van de patiënt aan ten grondslag ligt is dan feitelijk sprake van euthanasie of levensbeëindiging zonder uitdrukkelijk verzoek.

Het staken of nalaten van een medisch zinloze behandeling
Hier worden situaties bedoeld waarbij geen redelijke verhouding meer bestaat tussen het met het handelen te bereiken doel en de daarvoor in te zetten middelen (KNMG, 2003). Volgens de KNMG (2003) wordt de basis voor een zorgvuldige beslissing gevormd door zowel professionele criteria als de situatie/mening van de individuele patiënt.

Niet kunstmatig toedienen van vocht en voeding
Het gaat hierbij om situaties waarin een patiënt niet of nauwelijks vocht en/of voedsel tot zich neemt en de beslissing wordt genomen niet te beginnen of te stoppen met het kunstmatig toedienen van vocht en/of voeding (Pasman et al., 2003). Dit wordt ook wel versterven genoemd.

Palliatieve sedatie in de terminale fase
Bij palliatieve sedatie (ook bekend als terminale sedatie) gaat het om situaties waarin medicatie wordt toegediend om de patiënt in een diepe sedatie of coma te houden tot de dood intreedt, waarbij wordt afgezien van kunstmatige toediening van vocht en voeding (Van der Wal & Van der Heide et al. 2003). Het gaat hierbij om terminale patiënten bij wie de symptomen (zoals pijn, angst en benauwdheid) niet afdoende bestreden kunnen worden met de gebruikelijke medicatie. De diepe sedatie of coma dient dan als symptoombestrijding.

Klik hier voor artikelen in de Nationale beroepscode voor verpleegkundigen en verzorgenden in relatie tot gewetensbezwaren.

 

Steun het werk van de RMU, juist ook als u zich betrokken weet bij medische en ethische kwesties.Word nu lid en draag uw steentje bij.

 

Delen