Ziekteverzuim gerelateerd aan werk

06 JULI 2017

Ziek melden. Elke werknemer en werkgever krijgt daar wel eens mee te maken. Griepvirus, buikgriep, gebroken been, het komt op de werkvloer allemaal voorbij. Sommige medewerkers vallen langer uit vanwege ziekte. Vaak een gevolg van het werk dat ze uitvoeren.

Waar komen de verschillen in verzuim vandaan?
Opvallend is dat er verschillen in ziekteverzuim zit tussen bedrijfstakken onderling. Volgens het CBS, dat recent een nieuwsbericht met de nieuwste cijfers over ziekteverzuim naar buiten bracht, ligt het verschil in kenmerken zoals leeftijd en geslacht. Maar ook de arbeidsomstandigheden spelen een rol. Een brandweerman of politieagent doet bijvoorbeeld gevaarlijker werk dan in het onderwijs. En een verzorgende doet fysiek zwaarder werk dan iemand die achter een bureau zit. Wie gevaarlijk of fysiek zwaar doet, verzuimt gemiddeld meer. Denk ook aan geluid op de werkvloer of intimiderend gedrag van klanten, collega’s of leidinggevenden. Niet goed voor je…

En het verschil in sectoren?
Als je bijvoorbeeld kijkt naar de horeca, dan weten we dat daar relatief jonge werknemers werken. Daarnaast hebben ze een flexibel dienstverband en mogen ze zelf bepalen wanneer ze verlof opnemen.

Persoonlijke kenmerken
De nieuwe cijfers reppen over het verband tussen een slechte gezondheid en hoger ziekteverzuim. Dat lijkt een logische gevolgtrekking. Dat ook andere persoonlijke omstandigheden invloed hebben spreekt voor zich. Zo hebben mensen in een eenoudergezin, gescheiden of verweduwd zijn, een hoger verzuim. Maar ook blijkt dat ziekteverzuim in een kwart van de gevallen gedeeltelijk of geheel gevolg is van het werk. Mensen met een vast contract verzuimen vaker, zij die in de nacht of op zondag werken, en hogere werkdruk ervaren. Positief is dat mensen die wel eens thuis werken, iets minder vaak verzuimen.

Bron: CBS

Amanda Herrera de Gier
Amanda Herrera de Gier is medewerker Communicatie bij de RMU. Reageren? Laat hieronder een bericht achter of stuur Amanda Herrera de Gier een mail: reageren@rmu.nu.
Delen