• vakorganisatie met Bijbelse visie
  • brede dienstverlening
  • veel voordeel voor leden

Column ‘Echte mannen willen Keltisch zout op hun gerookte zalm’

15 JANUARI 2016

‘Oud te worden’ verzucht Lot in de roman van Louis Couperus. Van oude mensen en de dingen die voorbij gaan. Een tobberig boek, langdradig en gedateerd. Toch is dat lastig, oud worden. Ik krijg grijze haren, pijntjes hier en daar en val niet gelijk meer in slaap als ik mijn kussen voel. Gezond leven is heel belangrijk in de strijd tegen ouderdom, tarwe is slecht, brood moet je niet teveel eten. Vrienden van ons zetten de kachel laag, dat schijnt dementie te vertragen. Dus zitten ze te blauwbekken in de woonkamer met een dekentje om de benen. Dement zijn ze nog niet, sacherijnig worden ze vanzelf van de kou.

Weleens ‘gezonde’ websites bezocht? Ik zat pas op een weblog van een reformdame waar je begroet wordt met: ’xXx liefs van …’ Brrr. Liefs. Misschien leest een of andere griezel net haar blog, dan zeg je toch ‘kssst, wegwezen engerd!’ Ze heeft mooie recepten en ik zie gerookte zalm met mascarpone en komkommer. ‘Vooral in trek bij de mannen. Zonder E-nummers, suikervrij en glutenvrij’. En daar moet Keltisch zout er over heen, dat mag dan weer wel. Wat zou dat zijn, Keltisch zout? Zout uit de tijd van Asterix en Obelix? Oh nee, dat waren Galliërs. Rare jongens, die Kelten. Waar halen ze dat zout vandaan? Uit de Keltische zee? Ik weet niet waar Keltië ligt, het klinkt een beetje prins-Charles-met-Schots-ruitrokje-achtig. Mag een zwaai simpel keukenzout ook? Of grof gemalen zeezout uit de molen? Dat lijkt me al heel culinair maar ik ben maar een provinciaaltje met mijn schamele zout- en pepermolen.

Zo langzamerhand word ik beroerd van al dat gezond doen. Tuurlijk is het goed om niet te schranzen en een beetje sober zijn is prima, maar dat vermijden van suiker, e-nummers, gluten, koemelk, ik kan mijn dagen er mee vullen. Het is een luxe die veel cliënten van House of Hope zich niet kunnen permitteren. En het kost veel energie om een ander eetpatroon te ontwikkelen, als je dik in de schulden zit is dat echt teveel gevraagd. In de voedselbankkrat zit geen speltbrood of Keltisch zout om je eitje mee te bestrooien. Soms zijn het gekke dingen, pakken mix voor cupcakes met roze topping (ieks, daar zal wel heel veel rommel in zitten) , verlepte bosjes kroten of vlees van onbekende herkomst met een oranje paneerlaag. Dan is het kiezen of delen, maar moeilijk doen over e-nummers is er niet bij. Eten wat het krat schaft is het devies.

Ik koop op de Afrikaandermarkt vaak bij een tegen-de –datum kraam. Een man, type zeerover, verkoopt van alles tegen of over de datum. Heerlijke chocola, snoepjes, koek, sap, noodles, kauwgumpjes, of sardientjes in blik. Het kan me niks schelen, een roze koek van december 2015 smaakt prima. Met e-nummers, of waren dat nou geplette luizen die voor die roze kleur zorgden? Ik heb geen Keltisch zout, geen speltmeel of kokosbloesemsuiker en verorber weleens een e-nummertje. Zal ik oud worden? Geen idee, maar ik ben niet van plan me gek te laten maken door eetgoeroes. Dat vind ik afgoderij en bangmakerij. Jezus zegt in de Bergrede dat ‘Uw Hemelse Vader weet wat u nodig heeft’. Daar wil ik me mee voeden, met Zijn woorden. Als we het nou toch over gezond hebben…

Deze column is geschreven door Vera, Maaschappelijk Dienstverlener stichting House of Hope



Delen