• vakorganisatie met Bijbelse visie
  • brede dienstverlening
  • veel voordeel voor leden

Column 'Veel om voor te danken...'

01 JANUARI 2016
“Het hindert niet zuster...” Zijn rijzige gestalte kijkt op mij neer. Hij glimlacht, legt heel even zijn hand op mijn schouder en loopt dan naar het kastje waar hij zijn gehoorapparaten weer indoet zodat ik iets zachter kan praten. “Echt, het hindert niet, aan het einde van het jaar is er altijd zo veel om voor te danken zuster, vandaar dat ik nog niet klaar was...”

Uren daarvoor ben ik van huis gegaan. Het is Oudejaarsdag, of beter gezegd: Oudejaarsavond. Werken op die avond is niet mijn fijnste bezigheid, aangezien ik nogal bang van vuurwerk ben. Maar deze keer kon ik er niet onderuit. En dus rijd ik al een paar uur door Alblasserdam en heb ik al verschillende cliënten bezocht. Een oude vrouw bijvoorbeeld, een lieve dame. Anne heet ze, en dat helpt haar om mijn naam te onthouden. Ze was zo blij dat ik kwam, had zo naar iemands komst uitgezien. Maar het was stil gebleven in haar huisje. Terwijl de klok de laatste uren van het jaar wegtikte had ze op de bank gezeten. “Ik heb maar wat zitten breien Annemarie, dan gaat de tijd wat sneller...” Wat was ze blij dat ik haar naar bed kwam helpen, ook al was het nog maar negen uur. Ze was moe, heel erg moe. “Ja-a, zó oud worden dat wil je niet hoor!” Ik had op haar bedrand gezeten. Samen hadden we even gekletst. Over hoe de dag verlopen was, over hoe ze opzag tegen de nacht, over het knallende vuurwerk, wat haar zo bang maakte. Samen hadden we zo gezeten, stilletjes op haar bed, met om ons heen het gewoel van deze wereld...
En daarna was ik dus op weg gegaan naar de cliënt waar ik mijn column mee begon. Een alleraardigste man met een statig voorkomen. Altijd keurig gekleed, zeer beleefd pratend en dankbaar voor de kleinste dingen. Wonend in een prachtig appartement, met uitzicht op de rivier. Maar ook: lijdend aan Alzheimer. De kleinste dingen zijn voor hem moeilijk te onthouden en hoewel een kladblokje met informatie hem enigszins zou kunnen helpen vergeet hij ook dat vaak...

Ik neem de lift naar etage zes en diep zijn voordeursleutel uit de zak van mijn uniform. De voordeur is snel open en ik stap de hal binnen. Het is donker binnen, helemaal donker. Uit ervaring weet ik dat meneer dan al op bed ligt. Ik doe het licht in de hal aan en loop gericht naar zijn slaapkamerdeur. Heel zachtjes open ik de deur en wat ik dan zie... In een fractie van een seconde neem ik het beeld in me op. Een oude man, gekleed in een rode pyama met streepjes, hij ligt op zijn knieën voor zijn bed, zijn handen gevouwen, en hij bidt...
Ik doe een stap achteruit en sluit de deur tot een centimeter of tien. Ontroerd wacht ik tot ik weer geluid hoor en meneer klaar blijkt te zijn. Als ik de deur weer zachtjes open staat hij daar, glimlachend. “Was u daar al zuster? Fijn!” Ik geef hem een hand en verontschuldig mij voor het binnenkomen. “Het hindert niet zuster... echt niet.”
Nadat hij zijn gehoorapparaten ingedaan heeft is het makkelijker communiceren. En dan zegt hij: “Aan het einde van het jaar is er altijd zo veel om voor te danken zuster, vandaar dat ik nog niet klaar was...” Ik knik begrijpend en probeer er op in te gaan maar meneer lijkt weer in zichzelf te keren. Hij neemt zijn medicatie in en direct daarna maakt hij alweer aanstalten om naar bed te gaan. Ik krijg nog een stevige hand, “Hartelijk dank zuster!”, en dan verdwijnt hij in zijn donkere slaapkamer, in het volste vertrouwen dat ik alle lichten uit zal doen en de voordeur weer op slot...

Danken... Veel om voor te danken. Is dat zo? Deze oude man, wiens leven zich voornamelijk afspeelt in zijn stoel voor het raam, wiens goede verstand hem nu in de steek laat, wiens kringetje steeds kleiner en kleiner wordt, zegt veel te hebben om voor te danken!? Ondanks het verliezen van zijn vrouw en het ervaren van de moeiten van de ouderdom is hij dankbaar. En dankt hij! Op zijn knieën. Wat een les. Wat een ongelofelijke les voor mij, voor u als lezer. Die dankbaarheid wens ik u van harte toe, aan het begin van dit nieuwe jaar.

Deze column is geschreven door Annemarie, wijkziekenverzorgende in de thuiszorg
Delen