• vakorganisatie met Bijbelse visie
  • brede dienstverlening
  • veel voordeel voor leden
Cases

Casus

Bron: Boer, Th. & Mul, D. (2012). Goede zorg, christelijk geïnspireerde ethiek van geval tot geval

Een 87-jarige vrouw, waarbij 6 jaar geleden Alzheimer werd geconstateerd en waarvan 4 jaar geleden haar echtgenoot is overleden, werd tot 2 jaar geleden nog thuis verpleegd, mede door hulp van broer en 2 zussen.

Vanwege toegenomen zorgdruk verblijft ze inmiddels in verpleeghuis. Dit ervoer zij eerst als zwaar, maar door het geleidelijk afnemen van haar cognitie lijkt ze hier niet (meer) onder te lijden. De laatste weken gaat het eten en drinken moeizamer en treedt vaker verslikking op. Haar lichaamsgewicht neemt (hierdoor) af.

Het voorstel van de ouderenspecialist aan de familie is om een maagsonde te plaatsen, waardoor het eenvoudig en veilig is om volwaardige en calorierijke voeding toe te dienen zonder kans op verslikking.

Haar zoon verdedigt de (toenmalige) wens van zijn moeder om geen levensverlengende handelingen te verrichten. De verpleeghuisarts sputtert tegen, er is ook geen wilsverklaring.

Morele vragen:

  • welk doel dient de sondevoeding
  • wat als door die sondevoeding verbetering uitblijft
  • mag de familie zulke ingrijpende beslissingen nemen
  • moet de patiënt eerst terminaal zijn om zulke beslissingen te legitimeren

Ethiek

In dit geval is er niet één goed antwoord, voor beide standpunten (stoppen of doorgaan) is wat te zeggen.

  • Starten met sondevoeding is ‘medisch zinvol’: het kan de patiënt effectief in een betere conditie brengen, en het voorkomt aspiratiepneumonie.
  • Maar is het ook ‘zinvol medisch’ handelen: is er zicht op verbetering?

Dat laatste is een bepalend aspect bij deze casus. Want het toedienen van sondevoeding om een periode van zwakte te overbruggen, is legitiem en medisch verdedigbaar. Maar bij een verslechterende situatie, een onomkeerbare ziekte zoals in deze casus, zou sondevoeding het stervensproces, en waarschijnlijk daardoor het lijden, verlengen. Alzheimer is tenslotte een dodelijke ziekte.

Het is, vanuit Bijbels perspectief, niet toegestaan om actief de stervensduur te bekorten. Maar het is ook geen Bijbelse opdracht om die tijd moedwillig te verlengen. De stelling: ‘Baat het niet, het schaadt ook niet’ is in deze context minder onschuldig dan het lijkt. Afgezien van het feit dat altijd afgevraagd moet worden of het middel niet erger is dan de kwaal, geldt er voor een invasieve en belastende handeling als het inbrengen van een neussonde toch altijd de overweging dat het voordeel evident moet zijn en moet opwegen tegen de hinder die de patiënt ondervindt bij het inbrengen en bij het in situ blijven van de sonde.

Normaliter is inbrengen gerechtvaardigd omdat daar de redelijke verwachting van conditieverbetering tegenover staat. Dat laatste is nu niet het geval.

Er moet voor gewaakt worden dat alles van de medische techniek verwacht wordt. Beter is bij een naderend einde (indien mogelijk en van toepassing) zich voor te bereiden op de eeuwige bestemming, dan om die aankomst zo lang mogelijk uit te stellen.

Nabeschouwing t.b.v. groepsdiscussie

  • Welke levensbeschouwelijke achtergrond iemand ook heeft, iedereen moet zich bewust zijn van de keuzes die gemaakt worden om goede zorg te verlenen. Ethische problemen zijn complex!
  • Het is belangrijk om aan ‘praktische ethiek’ te doen. Daarom zijn onderstaande vragen bedoeld om hier een aanzet voor te vormen.
  • Sta stil bij wat nou eigenlijk het ethische aspect is, denk mee hoe je vanuit je levensovertuiging daar een antwoord of reactie op zou kunnen formuleren. Hierdoor leer je reflecteren!
  • Denk er over na, spreek er over met collega’s, tijdens je opleiding met docenten / studiegenoten en/of bezoek de RMU avonden.

Ethische reflectie

1. Wat vind jij passende zorg in de laatste levensfase?

  • Zit je zelf ook (nog) teveel in de behandelmodus?
  • Wat vindt de patiënt zelf nog werkelijk van belang?
  • Zie jij het als jouw taak om met de patiënt een gesprek aan te gaan over passende zorg in de laatste levensfase?

2. Wat versta je zelf onder ‘kwaliteit van leven’?

  • Is het zinvol om een kind met een ernstige handicap te behandelen?
  • Zijn dure behandelingen bij oudere patiënten zinvol?
  • Wat moet je doen als medische ‘hoogstandjes’ menselijk lijden teweeg brengen?
  • Wanneer mag iemand sterven?
Delen